Zelf laminaat leggen is voor veel doe-het-zelvers goed te doen. Zeker in een rechte ruimte met een vlakke ondergrond. De voorbereiding bepaalt daarbij voor een groot deel het resultaat. Een goede ondervloer, voldoende uitzetruimte en een nette eerste rij voorkomen later problemen zoals kraken, kieren of bolstaand laminaat.
In dit artikel lees je hoe je een laminaat vloer legt, waar je begint, welke richting je kiest en wat je nodig hebt. Ook behandelen we de meest gemaakte fouten bij laminaat leggen.

Is laminaat leggen moeilijk? Meestal niet, zolang je nauwkeurig werkt en de ruimte goed voorbereid is. Kliklaminaat is gemaakt om zwevend te leggen: de planken zitten met een klikverbinding aan elkaar vast, maar niet aan de ondergrond.
Een eenvoudige, rechthoekige slaapkamer of zolderkamer is vaak prima zelf te doen. Meer tijd en ervaring vraagt een ruimte met veel hoeken, schuine wanden, verwarmingsbuizen, deurposten of een ongelijke vloer.
De belangrijkste voorwaarden voor zelf laminaat leggen zijn:
Twijfel je over de opbouw van de vloer of de juiste materialen? Bekijk dan het assortiment wand- en vloeren en stem de ondervloer af op jouw situatie.
Wie zich afvraagt wat je nodig hebt om laminaat te leggen, denkt vaak alleen aan de planken. Maar een strakke vloer bestaat uit meer onderdelen. Verzamel alles vooraf, dan hoef je tijdens de klus niet tussendoor op zoek naar gereedschap of afwerking.
Voor de meeste laminaatvloeren heb je dit nodig:
Bestel bij een rechte ruimte meestal ongeveer 5 tot 10 procent extra laminaat. Bij veel hoeken, schuine kanten of uitsparingen is meer reserve verstandig. Bewaar ook een paar planken voor een eventuele reparatie in de toekomst.
Voor een uitsparing bij verwarmingsbuizen is een gatenzaag handig. Voor lastige vormen en deurposten gebruik je vaak een decoupeerzaag. Werk altijd met een scherp zaagblad: dat beperkt splinters aan de zichtzijde.
Naast het laminaat zelf zijn de ondervloer en afwerking bepalend. De juiste vloeropbouw verschilt per ondergrond en per ruimte.
Op een betonnen of cementdekvloer is vaak een vochtwerende laag nodig. Sommige ondervloeren hebben die laag al geïntegreerd. Op een houten ondervloer ligt de nadruk juist vaker op stabiliteit en het opvangen van kleine oneffenheden. Bij vloerverwarming kies je een ondervloer met een lage warmteweerstand, mits het gekozen laminaat daarvoor geschikt is.
Maak de vloer af met plinten. Die dekken de uitzetruimte langs de wand af, maar mogen de vloer niet vastklemmen. Gebruik overgangsprofielen bij de overgang naar een andere vloer of in doorgangen waar dat volgens de leginstructie nodig is.

Een laminaat vloer leggen op een slechte ondergrond geeft bijna altijd problemen. Controleer daarom eerst of de bestaande vloer droog, vast, schoon en vlak is. Losse delen, uitstekende spijkers, oude lijmresten en grote hoogteverschillen moeten weg of hersteld worden.
Een ondervloer kan kleine oneffenheden opvangen, maar is niet bedoeld om een scheve of hobbelige vloer recht te maken. Is het hoogteverschil te groot? Egaliseer of herstel de ondergrond eerst.
Laat de pakken laminaat meestal minimaal 48 uur gesloten acclimatiseren in de ruimte waar je gaat leggen. Zo kunnen de planken wennen aan temperatuur en luchtvochtigheid. Kijk altijd naar de aanwijzingen op de verpakking; die zijn leidend.
Let ook op vocht. Een nieuwe dekvloer moet voldoende droog zijn voordat je laminaat legt. Bij twijfel is een vochtmeting verstandig. Leg nooit een vloer over een vochtprobleem heen: dat lost zichzelf niet op en kan zorgen voor schade aan laminaat en ondervloer.
Een ondervloer voor laminaat leggen is in de meeste situaties noodzakelijk. Die dempt contactgeluid, beschermt de klikverbinding en kan kleine verschillen in de ondergrond opvangen. Daarnaast is bij minerale ondergronden vaak vochtbescherming nodig.
Kies de ondervloer op basis van de ondergrond en de eisen van de ruimte:
Leg de banen ondervloer strak tegen elkaar. Of je de naden moet afplakken en of banen mogen overlappen, verschilt per product. Volg dus de verwerkingsinstructies van de fabrikant.
Bij de vraag welke richting laminaat leggen, spelen lichtinval en de vorm van de ruimte een rol. Vaak worden de planken gelegd in de richting van het invallende daglicht, bijvoorbeeld vanaf het grootste raam. Hierdoor vallen de naden meestal minder op.
Laminaat in de lengte of breedte leggen heeft ook invloed op hoe groot een ruimte oogt. In een lange, smalle kamer geeft leggen in de lengterichting doorgaans een rustiger en langer effect. In een brede woonkamer kan een andere richting juist beter aansluiten op de looproute, een gang of een aangrenzende ruimte.
Kijk vooraf naar:
Een mooie legrichting is belangrijk, maar de praktische uitvoering telt mee. Zorg dat je geen extreem smalle stroken langs een wand overhoudt. Soms is het beter om de eerste rij in de lengte iets smaller te zagen, zodat de laatste rij ook voldoende breed blijft.

Met dit stappenplan kun je laminaat leggen zonder de meest voorkomende fouten te maken.
Meet de ruimte op en bereken de hoeveelheid laminaat.
Vermenigvuldig lengte en breedte voor het aantal vierkante meters. Tel zaagverlies erbij op. Controleer ook hoeveel vierkante meter er in een pak zit.
Controleer en prepareer de ondergrond.
Verwijder vuil en losse resten. Controleer met een rei of lange waterpas op grote oneffenheden. Herstel de vloer waar nodig voordat je verdergaat.
Laat het laminaat acclimatiseren.
Laat de gesloten pakken in de ruimte liggen volgens de aanwijzingen van de fabrikant. Leg ze niet direct op een vochtige vloer.
Leg de ondervloer zorgvuldig neer.
Werk per baan en leg de ondervloer vlak en strak. Gebruik bij een betonnen ondergrond een dampremmende laag als dat nodig is. Snijd de ondervloer pas op maat als hij goed ligt.
Bepaal waar je begint met laminaat leggen.
Begin meestal in een hoek langs de langste, meest rechte wand. Werk in de gekozen legrichting. Controleer vooraf de breedte van de laatste rij.
Bepaal of je met mes of groef begint.
De vraag “laminaat leggen beginnen met mes of groef” is niet voor elk merk hetzelfde te beantwoorden. Kijk altijd naar de leginstructie van het specifieke kliklaminaat. Bij veel systemen wordt de uitstekende meszijde aan de wand verwijderd, maar dit kan verschillen per kliksysteem.
Leg de eerste rij perfect recht.
Plaats afstandhouders tussen laminaat en wand. Houd doorgaans ongeveer 8 tot 10 millimeter uitzetruimte aan, tenzij de fabrikant iets anders voorschrijft. De eerste rij bepaalt het verloop van de hele vloer.
Plaats de volgende rijen met verspringende naden.
Klik de planken in elkaar volgens de instructie. Laat de kopse naden voldoende verspringen. Gebruik het afgezaagde stuk van de vorige rij alleen als het lang genoeg is en het patroon netjes blijft.
Zaag rond leidingen, kozijnen en deurposten.
Meet uitsparingen zorgvuldig af. Maak gaten voor buizen iets ruimer, zodat het laminaat kan werken. Dek deze ruimte later af met een rozet. Kort deurposten zo nodig in, zodat de plank eronder kan schuiven in plaats van er strak tegenaan te liggen.
Meet en zaag de laatste rij.
Meet op meerdere plekken, want muren lopen niet altijd recht. Trek de uitzetruimte van je maat af. Gebruik een slagijzer om de laatste plank voorzichtig op zijn plek te trekken.
Werk af met plinten en profielen.
Verwijder de afstandhouders pas als de vloer helemaal ligt. Monteer plinten tegen de wand, niet door het laminaat heen. Zo behoudt de vloer ruimte om te werken.
De term PVC laminaat leggen wordt vaak gebruikt, maar PVC en laminaat zijn twee verschillende vloertypen. Laminaat bestaat meestal uit een HDF-kern met een decorlaag. PVC is een kunststof vloer en is vaak dunner en stiller in gebruik.
Klik-PVC kan qua manier van leggen lijken op kliklaminaat. Ook hierbij klik je planken in elkaar en blijft de vloer doorgaans zwevend liggen. Toch kunnen eisen aan de ondergrond, de ondervloer en de maximale vlakheid anders zijn.
Plak-PVC is weer een andere klus. Deze vloer wordt verlijmd en vraagt om een zeer vlakke, geëgaliseerde ondergrond. Plak-PVC leggen is daardoor minder geschikt als snelle doe-het-zelfklus dan kliklaminaat.
Controleer dus altijd welk type vloer je hebt en volg de bijbehorende instructies. Voor vloerkeuze en de juiste opbouw kun je terecht bij Hormes In Huis.
De meeste problemen ontstaan niet tijdens het klikken van de planken, maar door haast in de voorbereiding of afwerking.
Een veelgemaakte fout is laminaat direct na aankoop leggen. Planken die niet hebben kunnen acclimatiseren, kunnen later meer werken. Ook een verkeerde of ontbrekende ondervloer geeft risico op kraken, vochtproblemen en schade aan de klikverbinding.
Andere fouten zijn te weinig uitzetruimte langs de wand, het negeren van een ongelijke ondergrond en plinten door het laminaat vastschroeven. Laminaat moet als één geheel kunnen uitzetten en krimpen. Wordt de vloer ergens vastgezet, dan kan hij bol gaan staan.
Controleer ook de planken voordat je begint. Meng planken uit verschillende pakken voor een natuurlijker kleurbeeld. Beschadigde planken of planken met productiefouten leg je niet mee, maar meld je vooraf.
Een nette vloer zit in de details. Werk rustig, meet liever twee keer en zaag pas daarna. Houd de werkplek schoon; een korrel zand in een klikverbinding kan ervoor zorgen dat een plank niet goed sluit.
Gebruik alleen een aanslagblok dat geschikt is voor laminaat. Sla nooit rechtstreeks met een hamer op de plank of klikrand. Daarmee beschadig je de verbinding. Controleer na elke paar rijen of de vloer nog recht loopt en of de naden goed gesloten zijn.
Zorg daarnaast dat alle benodigdheden voor laminaat leggen vooraf klaarliggen. Bij Hormes vind je materialen en gereedschap op klus gesorteerd, zodat je ondervloer, plinten, kit en zaaggereedschap in één keer kunt verzamelen. Heb je advies nodig over jouw vloerklus? In Wijchen, in de buurt van Nijmegen, en in Beneden-Leeuwen staan onze medewerkers voor je klaar. Voor lastig zaagwerk kan ook de zaagservice uitkomst bieden.
Een goede laminaatvloer begint niet bij de eerste plank, maar bij een vlakke ondergrond en een passende ondervloer. Daarna bepaal je de legrichting, controleer je de breedte van de eerste en laatste rij en houd je genoeg ruimte langs muren, kozijnen en leidingen.
Neem de tijd voor het inmeten en zorg dat je alle materialen vooraf in huis hebt. Daarmee voorkom je onnodige onderbrekingen en maak je de kans op een strak resultaat een stuk groter. Bekijk vooraf materialen en gereedschap voor je vloerklus en vraag bij twijfel gericht advies.
Begin meestal in een hoek langs de langste en meest rechte wand. Leg de vloer in de vooraf gekozen richting en controleer eerst of de laatste rij niet te smal wordt. Pas eventueel de eerste rij aan voor een betere verdeling.
Laminaat wordt vaak in de richting van het invallende licht gelegd. In een lange, smalle ruimte is leggen in de lengterichting meestal het rustigst. Kijk daarnaast naar looproutes, deuropeningen en de aansluiting op andere ruimtes.
In bijna alle gevallen wel. Een ondervloer beschermt de vloer, dempt geluid en vangt kleine oneffenheden op. Op beton is vaak ook vochtwering nodig. Kies de ondervloer op basis van de ondergrond, geluideisen en eventuele vloerverwarming.
Ja, bij een vlakke ondergrond en met goed gereedschap is zelf laminaat leggen prima haalbaar. Neem vooral tijd voor de eerste rij, uitsparingen en de afwerking. Volg altijd de instructies van het gekozen laminaatmerk.
Bekijk het hele assortiment voor vloeren
Plinten plaatsen is de laatste stap bij een nieuwe vloer of renovatie, maar bepaalt voor een groot deel hoe strak de ruimte eruitziet. Een plint dekt de overgang tussen vloer en wand af, beschermt de muur tegen stoten en verbergt de noodzakelijke uitzetruimte bij bijvoorbeeld laminaat. Zelf plinten plaatsen is prima te doen als je goed meet, de ondergrond controleert en de juiste bevestigingsmethode kiest. In dit artikel lees je hoe plinten plaatsen werkt, welke plint bij jouw vloer past
2 september 2026
Om deze kostenstijgingen gedeeltelijk op te vangen, zijn wij genoodzaakt per 17 maart a.s. tijdelijk een dieseltoeslag in te voeren.
1 september 2026 | 2 min
Welke boor heb je nodig voor jouw klus? Dat hangt vooral af van het materiaal waarin je boort, de gewenste gatmaat en de bevestiging die je gebruikt. Met de verkeerde boor maak je al snel een rafelig gat, beschadig je een tegel of loopt een boor vast in beton. In dit artikel lees je welke boor je gebruikt voor muur, beton, baksteen, hout, hardhout, metaal, rvs, kunststof, Trespa en tegels. Ook leggen we uit welke maat boor bij welke plug hoort.
26 augustus 2026